skip to Main Content

30 jaar natuurontwikkeling in de Millingerwaard

Van landbouwgrond tot voorbeeld voor Rivierengebied

De metamorfose die de Millingerwaard heeft ondergaan is verbluffend. Vanaf 1991 is gewerkt om landbouwgrond te vervangen door dynamische riviernatuur. ARK Natuurontwikkeling en Wereld Natuur Fonds begonnen ermee, Staatsbosbeheer sloot aan. In 30 jaar tijd zijn veel ambities waargemaakt, één staat nog bovenaan de verlanglijst: terugkeer van de Zwarte Ooievaar.

Op stap door de Millingerwaard met Gijs Kurstjens

Op een mooie herfstmiddag in 2021 waren we te gast in de Millingerwaard met ecoloog Gijs Kurstjens. Gijs heeft de afgelopen tien jaar voor de aannemerscombinatie meegewerkt om van het gebied één landschappelijk geheel te maken en doet nog steeds veel natuurmonitoring. Daardoor is hij als geen ander op de hoogte van de ontwikkelingen in het gebied. Bij de herintroductie van nieuwe diersoorten als bever, konik en otter speelde Gijs een actieve rol, hij ging ze zelf ophalen in het buitenland.

Wat is er gedaan?
“Het noordelijk deel was allemaal landbouwgebied, versnipperd over tientallen eigenaren. Langs de dijk lag al een stuk bos. Klei is afgegraven tot op het zand, waardoor de oorspronkelijke ondergrond terug kwam. Eén voor één werden de boeren uitgekocht, steeds verder naar het oosten werd het gebied aangepakt. De samenwerking van natuurontwikkelaars en zand- en kleiwinners zorgde voor een snelle transformatie van het gebied.

Vanaf 2012 kwam de doelstelling te zorgen voor meer veiligheid tegen overstroming erbij (het project ‘Ruimte voor de Rivier’). Dat is aangegrepen om van het gebied een goed geheel te maken. Je kunt het ontwerp zien als een grote arm met hand en vingers. De grote geul (arm en duim) is aangelegd om meer en sneller water af te kunnen voeren. Dit is gepaard gegaan met veel zandwinning. In de vingers heeft de natuur het primaat. Kwelwater vanuit het oosten voedt het gebied westwaarts. Al in 1992 is hier gestart met jaarrond begrazing met Koniks en Galloway runderen. Tegenwoordig lopen er het hele jaar door bijna 100 dieren, die zich vrij door het hele gebied kunnen verplaatsen.

In de jaren ’90 was natuurbeheer heel behoudzuchtig. Het was een nieuw fenomeen dat natuur ontwikkeld zou gaan worden. Natuur waar iedereen mag komen bovendien, waar niet meer gemaaid, maar begraasd wordt. Willem Overmars (overleden in 2021) was één van de geestelijk vaders van dit gedachtengoed (Plan Ooievaar). Voor de Duitsers was dit toen een stap te ver, zij wilden helaas niet meedoen.”

Biologische ontwikkelingen
Zo ontstond hét voorbeeldgebied voor natuurontwikkeling langs de Waal. Het is tevens een brongebied in de top van de rivierendelta. Van hieruit hebben bevers, zwarte populieren en veel ander leven benedenstroomse delen veroverd.
“Het ontstaan van ooibos zie ik als groot gewin, we hebben natuurlijk rivierbos terug! De zwarte populier is de koning van het ooibos, deze torent overal bovenuit. De discussie over bosontwikkeling is behoorlijk gekanteld. Aanvankelijk dachten velen dat er geen bos zou komen. Nu ontstaat in de ogen van Rijkswaterstaat soms teveel bos, het brult de grond uit! De grootte van het gebied maakt het ook heel waardevol; hoe groter het gebied, hoe groter de kans dat meer bijzondere dieren en planten zich er thuis voelen en des te meer verspreid kunnen worden.

Op het kalkrijke zand dat aan de oppervlak gebracht is, leven de meeste en meest bijzondere planten en insecten. Vis is ook een groot succes, de geulen zijn verbonden en er zijn vele paaiplekken. Over de gehele linie is de natuur verbeterd. Alleen waterplanten zijn achteruit gegaan, zij houden niet van de toegenomen waterschommelingen.

De Zwarte ooievaar heeft een groot bos en rust nodig om te gaan nestelen. Ze zijn al geregeld te gast, het is nog steeds de grootste wens dat ze deze kant op komen om te broeden. Daarnaast wordt het tijd dat Edelherten in het gebied terug komen. De Millingerwaard zou een interessante proeftuin zijn voor deze iconische soorten en op termijn een belangrijke verbinding kunnen vormen tussen Veluwe en Duivelsberg richting Reichswald.”

Kaart Millingerwaard - Struingids 2022

Natuurtips voor de Millingerwaard

1. Kleine Steentijm
Deze zeldzame soort bloeit het meest veelvuldig bij de oude steenfabriek. Dieren gebruiken deze hooggelegen plek om naartoe te vluchten met hoogwater.

2. Oever met stroomdalplanten
Hier groeien karakteristieke soorten van de rivieren, de zaden zijn met de rivier vanuit Midden- en Zuid-Europa aangevoerd. Veldsalie, kleine ruit en brede ereprijs zijn soorten die hier zijn teruggekeerd.

3. Bomen met blote wortels
Een bijzonder zachthoutooibos. De bomen staan ‘op stelten’ doordat de Waal het zand tussen de wortels heeft weggespoeld. Bij warm weer zoeken de grote grazers hier vaak verkoeling in de Waal.

4. Nieuw boseiland
Met grond die vrijkwam bij het graven van de geulen is hier een eiland gemaakt. Dit biedt kansen voor rustminnende soorten zoals de otter of broedende roofvogels.

5. Colenbrandersbos
Eén van de drie nog overgebleven hardhoutooibossen in Nederland. Hier groeien bomen die minder goed tegen langdurige overstroming kunnen zoals Zomereik en Fladderiep. Het is één van de weinige plekken waar de Besanjelier groeit.

6. Beverburcht
Langs de eerste geul is een grote beverburcht te zien. In de schemering is de kans groot om hier bevers te spotten. Ook zie je vaak reeën langs de geulen.

7. Domein van de Rugstreeppad
Deze pad is enorm in aantal toegenomen in de kwelgeulen. De dieren graven zich overdag in de zandige oeverwallen in. Rond mei roepen de mannetjes ‘s nachts hun oorverdovend concert.

8. Oud boseiland
Doordat een extra geul is aangelegd is hier een soort eiland ontstaan met oud ooibos: een rustgebied voor dieren als broedende roofvogels. Wie weet keert de zeearend terug.

9. Pioniers bij de kwelvingers
Bij de meest recent aangelegde ‘kwelvingers’ is het landschap nog behoorlijk kaal. Je kunt hier mooi zien dat de pioniersoorten het eerst verschijnen, zoals Bruin Cypergras en Klein Vlooienkruid.

10. De Oude Waal
Tot in de 18e eeuw was dit de hoofdstroom van de Waal. De boten voeren in die tijd pal langs de kerk van Kekerdom.

11. Millingerhof
Oudste kleiwingebied van de waard. In de winter slaapplaats voor Grote Zilverreigers.

Dit artikel verscheen eerder in de Struingids Berg en Dal.

Dit bericht heeft 0 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Back To Top